Het is in deze tijd niet ongebruikelijk om in hetzelfde pand de ene na de andere winkel te vestigen. Soms gebeurt dit al na enkele maanden. Dat was vroeger veelal anders. Je bleef als het enigszins kon ‘zitten waar je zit’.
Als voorbeeld de winkel op het adres Plein 19.
Hoe oud dit pand precies is, is niet met zekerheid te zeggen. Het wordt in 1785 genoemd in verband met het wisselen van eigenaar, maar wellicht is het al veel ouder. In die tijd was er een café in gevestigd. Zo’n honderd jaar later –in 1879- vestigt I.A.S. de Smit er een levensmiddelenbedrijf, nadat er ook nog enige tijd een arts in gewoond had. Het gaat dan om een betrekkelijk klein winkeltje met ernaast een magazijn, een woonkamer en een keuken. Op de etage erboven zijn ook nog enkele kamers. De ingang van deze etage bevindt zich op het adres Langstraat 1. Later neemt zijn zoon Adrianus de winkel van zijn vader over. Rond 1930 is Han van der Lelij, hij was toen 14 jaar, er als knecht gaan werken. Dat betekende vooral bestellingen rondbrengen op een transportfiets tot in Den Haag toe. Adrianus is in 1945 overleden en zijn vrouw is nog drie jaar alleen doorgegaan. Hierna heeft Han de winkel overgenomen. Inmiddels was het assortiment levensmiddelen uitgebreid met voer voor dieren. U moet dan vooral denken aan pluimvee, dat in die tijd in grote aantallen in ons dorp gehouden werd. Han woonde samen met zijn vrouw in de benedenwoning en de etage erboven werd bewoond door de vrouw van Adrianus. Toen er twee kinderen bijkwamen konden ze één van de kamers op de etage erboven gebruiken. Jan is in 1949 geboren en Nel in 1953. Han reed nog steeds bestellingen rond en zijn vrouw stond in de winkel. Rond 1980 hebben Jan en Nel de winkel samen overgenomen. Vanaf dat moment was er sprake van een dierenspeciaalzaak. Levensmiddelen werden er niet meer verkocht, wél groente en fruit, dat op zaterdag buiten in de Langstraat uitgestald werd. Nel is er meteen na de huishoudschool gaan werken en Jan heeft eerst ervaring opgedaan bij enkele andere dierenwinkels. Zowel het magazijn als de benedenwoning waren inmiddels aan de winkel toegevoegd. Tot 1980 is de naam De Smit gehandhaafd en daarna werd hun eigen achternaam, Van der Lelij, gebruikt. Zeker in het begin was het hard werken in zo’n winkel. Vakantie hadden ze zelden – aanvankelijk was de winkel, los van de zondagen, slechts drie dagen per jaar dicht – en er werd veel ‘op de lat geschreven’ en dan moest je maar zien of je je geld ook daadwerkelijk kreeg. Het op de juiste manier inkopen van bijvoorbeeld hondenvoer is geen eenvoudige zaak. Ook hier geldt immers een uiterste datum en het is natuurlijk niet de bedoeling om al te veel weg te gooien. Ik heb zelf een hond en kom er dan ook met grote regelmaat. Zo’n oud pand met die ronde deur op dat gezellige pleintje heeft wel wat en je wordt er altijd uiterst vriendelijk en deskundig geholpen en ik heb van mijn hond ook nog geen klachten gehoord.
Carl Doeke Eisma