Oud Wassenaer

  • Home
  • Vereniging
    • Wie zijn we en wat doen we
    • Bestuur, commissies, werkgroepen
    • Statuten
    • Huishoudelijk reglement
    • Lid worden
    • Contact
    • Beleidsplan
    • Jaarverslagen
    • Ledenvergadering
    • Privacyverklaring
  • Nieuws
    • Nieuwsberichten
    • Nieuwsarchief
  • Activiteiten
    • Open Monumentendag
    • Cursussen
    • Cursusarchief
    • Excursies
    • Lezingen
    • Monumentenborden
    • Schenkingen
    • Tentoonstellingen
    • Bibliotheek
  • Publicaties
    • Publicaties
    • Capita Selecta
  • Actueel Verleden
  • 2e Wereldoorlog
    • Namenlijst Wassenaarse slachtoffers 2e Wereldoorlog
    • Struikelstenen
    • Verhalen
    • Herdenkingen
    • 80 jaar vrijheid
    • Diverse onderwepen
  • Links
  • Contact
  • Zoek

Oud Wassenaer

  • Home
  • Vereniging
    • Wie zijn we en wat doen we
    • Bestuur, commissies, werkgroepen
    • Statuten
    • Huishoudelijk reglement
    • Lid worden
    • Contact
    • Beleidsplan
    • Jaarverslagen
    • Ledenvergadering
    • Privacyverklaring
  • Nieuws
    • Nieuwsberichten
    • Nieuwsarchief
  • Activiteiten
    • Open Monumentendag
    • Cursussen
    • Cursusarchief
    • Excursies
    • Lezingen
    • Monumentenborden
    • Schenkingen
    • Tentoonstellingen
    • Bibliotheek
  • Publicaties
    • Publicaties
    • Capita Selecta
  • Actueel Verleden
  • 2e Wereldoorlog
    • Namenlijst Wassenaarse slachtoffers 2e Wereldoorlog
    • Struikelstenen
    • Verhalen
    • Herdenkingen
    • 80 jaar vrijheid
    • Diverse onderwepen
  • Links
  • Contact
  • Zoek

Inwonende boerenmeiden en –knechten (2) (Nr 241)

Vaak van boerenafkomst

Zoals in de vorige aflevering aangegeven was de “gemiddelde” inwonende boerenmeid of -knecht jong, ongehuwd, bleef niet lang bij hetzelfde boerengezin en was geografisch mobiel met een in de loop van de 19e en 20e eeuw toenemende actieradius. Vaak waren ze van boerenafkomst. Als er in een boerengezin meerdere kinderen waren, waren deze niet allemaal nodig in het bedrijf van de ouders – een deel van hen ging het huis uit om elders de kost te verdienen. En waar konden ze, gezien hun achtergrond, beter terecht dan op een boerderij. Door de veel slechtere wegen dan tegenwoordig en de lange werkdagen, was “forensen” er niet bij en kwam zo’n boerenzoon of -dochter in te wonen bij zijn of haar werkgeversgezin.

De voorziening voor zo’n boerenmeid en -knecht was bescheiden. Voor de meid een bedstede in het voorhuis, voor de knecht een bedstede in de stal, op de begane grond of op de til of zolder. Op deze manier kon de knecht ’s nachts het vee in de gaten houden, wat vooral in het voorjaar, als de koeien moesten kalven, goed van pas kwam. Bovendien werden op deze manier de meid en de knecht ’s nachts op een “zedelijke” afstand van elkaar gehouden.

De beloning van de knecht en meid bestond, naast de inwoning, ook uit de kost. Bij de maaltijden zaten ze bij het gezin van de boer aan tafel en aten mee, althans in de meeste boerderijen in Holland. Naast kost en inwoning kregen ze ook een geldbedrag per jaar, waarbij ongelijke beloning voor knecht en meid vanzelfsprekend was. Vermoedelijk kregen ze daarnaast ook nog een enkele keer een kledingstuk of iets anders noodzakelijks in natura.

Een gedroomde carrière van een inwonende boerenmeid was een huwelijk met haar baas of diens zoon en bedrijfsopvolger. Een inwonende boerenknecht had meerdere mogelijke droomroutes voor zijn loopbaan. Ook hij kon de kans krijgen te trouwen met zijn bazin, als zij weduwe werd of al was, als zij ongehuwd was, of als hij een boerendochter kon trouwen die enig kind was. Een andere route was die van een inwonende boerenknecht die naast de werkzaamheden die hij verrichtte voor zijn baas ook voor zichzelf werkte, een stukje land huurde of kocht, een of een paar koeien kocht, dit eigen bedrijfje geleidelijk aan wat uitbouwde, totdat hij de kans kreeg een wat grotere boerderij te huren of misschien zelfs kopen.

Het fenomeen van de inwonende meid en knecht op een boerderij is kort na de tweede wereldoorlog verdwenen. Niet alleen liep het aantal boeren in hoog tempo terug, ook was inwonen vanwege de aard van de werkzaamheden en de toestand van de wegen niet langer nodig. In de boerderij Kerkewoning is tot aan 1998 nog een knechtenkamertje op de stalzolder aanwezig geweest. Het was een eenvoudig met planken afgetimmerd kamertje onder het schuine dak, voorzien van een klein raampje. Er kon een bed in staan, een tafeltje en een stoel en misschien nog een kastje. Er was geen stromend water, geen andere verwarming dan de opstijgende warmte van de koeien in de winter. En pas in de tweede wereldoorlog was er elektrische verlichting aangebracht. Naar verluid is het kamertje nog tot eind jaren vijftig bewoond geweest. Daarna waren ook op de Kerkewoning de tijden van de inwonende meiden en knechten definitief voorbij.

Marry Niphuis-Nell

Nr 241 exp

Het knechtenkamertje op de stalzolder van de boerderij Kerkewoning, 1988. In gebruik tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw; weggebroken in verband met de restauratie van 1989-1990. Foto M. Niphuis-Nell.

Onderwerpen

  • Archeologie
  • Bestuur
  • Dorpsleven
  • Dorpskarakter
  • Landelijk gebied
  • Bijzondere gebouwen en plekken
  • Bedrijvigheid
  • Wegen en vervoer
  • Beeldende kunstenaars
  • Schrijvers
  • Diversen

Historisch Informatie Punt (HIP)

Iedere laatste zaterdag van de maand (behalve in de zomermaanden) is het Historisch Informatie Punt (HIP) in de Bibliotheek aan de Langstraat geopend. Tussen 11.00 en 16.00 kunt u hier terecht met vragen en opmerkingen over de geschiedenis van Wassenaar.

Doelstelling

Op de bres staan voor de cultuurhistorie van Wassenaar, dat is wat de vereniging wil. Dat doet zij o.a. door het bevorderen van de lokale monumentenzorg, het organiseren van lezingen, cursussen, excursies en tentoonstellingen en het uitgeven van publicaties.

Contact Historische Vereniging Oud Wassenaer

Secretaris M.F.J. Spierings - info@oudwassenaer.nl