Terug naar hoofdinhoud

Inwonende boerenmeiden en -knechten (5 en slot): (Nr 244)

Droomcarrière van een 19e eeuwse boerenknecht

De droomcarrière van boerenknecht Michiel van der Valk nam een andere route dan die van Claas Hillenaer, die ik in het vorige nummer van Actueel Verleden beschreef. Het verhaal begint hier bij Helena van der Drift, die samen met haar man rond 1 mei 1823 de boerderij Rust en werk betrok, na deze boerderij in december 1822 te hebben gekocht.

Helena en haar man waren beiden veertigers en hadden al op verschillende plaatsen in Wassenaar geboerd. Rust en werk was een boerderij met 13 ha wei-, hooi-, en teelland, maar tevens een locatie waar (tussen)handel werd gedreven in alles waar boeren en andere dorpelingen behoefte aan zouden kunnen hebben. De koop leek een verdere verbetering van hun financiële situatie in het vooruitzicht te stellen.

Van haar nieuwe leven op Rust en werk heeft Helena maar drie jaar samen met haar man kunnen genieten: hij overleed er in mei 1826. Helena bleef er boeren en handeldrijven, nam het treurjaar voor een weduwe in acht en hertrouwde in mei 1827 met de 16 jaar jongere Michiel van der Valk. Dit huwelijk kan gezien worden als een demonstratie van het feit dat een alleenstaande vrouw met een middelgrote boerderij in die tijd een aantrekkelijke huwelijkspartner was. Het ging in dit geval  bovendien niet om een pachtboerderij, maar om een boerderij in eigendom, zij het dat er een hypotheek op rustte.

De vraag is nu: wie was Michiel van der Valk? Was hij inderdaad de inwonende (baas-) knecht? We weten van Michiel, dat hij was geboren in Veur, waar ten tijde van het huwelijk zijn moeder nog woont. We weten ook dat hij niet eerder getrouwd is geweest en dat in de huwelijksakte als zijn beroep al “bouwman [boer]” staat vermeld. Een harde aanwijzing dat hij de inwonende (baas-) knecht van Helena was, heb ik niet gevonden, maar het is niet al te gewaagd om dat te veronderstellen. Een goed functionerende knecht was zeer waardevol voor een “bouwvrouw”, een alleenstaande boerin, en hij kon daardoor zelfs een zekere druk uitoefenen om te trouwen. Dat was voor hem ook verleidelijk, omdat een huwelijk met zijn bazin zijn juridische positie en sociale status aanzienlijk zou verbeteren. Bovendien werden zo de eventuele roddels in het dorp de kop ingedrukt. In dit geval sloeg de boerenknecht Michiel een zelfs heel goede slag. Helena was namelijk in haar eerste huwelijk kinderloos gebleven, wat onder de toenmalige verhoudingen betekende, dat hij de eventuele erfenis waarschijnlijk geheel voor zich alleen zou hebben.

Hoe ging het nu verder met dit echtpaar? Helena en Michiel verkopen Rust en werk in 1830 en zijn waarschijnlijk al kort daarop uit Wassenaar vertrokken. Ze overleden beiden in Rijswijk, hij als eerste, in 1857, zij als laatste, in 1860. Boerderij Rust en werk is nog in gebruik geweest tot in de jaren 50 van de 20e eeuw, toen hij werd afgebroken. Hij was bereikbaar via een oprijlaan vanaf de Oostdorperweg en heeft gelegen ter hoogte van de huidige Van Hallstraat-Starrenburgerlaan.

Marry Niphuis-Nell

Nr 244 exp

Luchtfoto van het Havenkanaal met zicht op de gebouwen van de Coöperatieve Vereniging ‘Samenwerking” en daarachter boerderij ‘Rust en Werk’, 1923. Gemeentearchief Wassenaar.