Ondanks het feit dat ons land officieel neutraal was tijdens de Eerste Wereldoorlog,dat wil zeggen dat er geen partij gekozen werd voor één van de strijdende partijen, is deze oorlog die van augustus 1914 tot november 1918 geduurd heeft zeker niet zomaar aan ons voorbijgegaan.
Zo vluchtten ongeveer een miljoen Belgen naar ons land, waarvan een aantal in ons dorp terechtkwam, zijn er interneringskampen voor meer dan 30.000 buitenlandse militairen ingericht, werden er tientallen Nederlandse handelsschepen getorpedeerd en ook ontstond er een groot voedseltekort. Over dit laatste wil ik u iets meer vertellen.
Een papieren zakje van 25 x 15 centimeter
Het schrijven van artikelen in een krant als De Wassenaarse Krant kan zo zijn voordelen hebben. Soms word ik aangesproken door mensen die hiervan op de hoogte zijn met een verzoek om iets over een bepaald onderwerp te gaan schrijven en een enkele keer krijg ik een voorwerp om zo'n verzoek te ondersteunen. Laatst kreeg ik van onze dorpsgenoot Peter ten Arve een papieren zakje van 25 x 15 centimeter dat zowel aan de voorzijde als aan de achterzijde bedrukt is. Op de voorkant staat het wapen van Nederland met daaronder:
's-GRAVENHAGE JULI 1919
MAISGRIES OF -BLOEM
GESCHENK
van het
ZUID-AFRIKAANSCHE VOLK.
De Nederlandsche Staatscourant van 7 juli 1919
Nieuwsgierig geworden waar we dit geschenk aan te danken hadden, ben ik op zoek gegaan en zo kwam ik bij de Staatscourant terecht. Hierin staat: Ik heb de eer u mede te delen, dat in den loop van deze maand de mais, welke het Zuid-Afrikaansche volk ten geschenke heeft gegeven aan de Nederlandsche bevolking, tot maïsbloem en maïsgries zal verwerkt zijn. De Regeering meent in overeenstemming met de bedoeling van de schenkers te handelen door deze bloem en gries ter beschikking te stellen van de houders van normaal margarinekaarten. Aan elken houder zal 750 gram kunnen worden verstrekt. Afzonderlijk zal het vereischte aantal papieren zakken, welke 750 gram maïs, bloem of maïsgries kunnen bevatten worden toegezonden. Ik zal het zeer op prijs stellen, indien de gemeentebesturen na ontvangst van de bloem en gries en de papieren zakken zoo spoedig mogelijk tot distributie overgaan.
De Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel,
H.A. van IJsselsteijn.
Vanaf het moment dat de eerste schepelingen van de VOC in 1652 voet aan wal zetten bij Kaap de Goede Hoop, is er ondanks de twee Boerenoorlogen die Zuid Afrika gekend heeft altijd een hechte band blijven bestaan tussen Zuid Afrika en Nederland en dit verklaart mede de schenking. De minister spreekt van bonkaarten en dat klopt. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden deze bonkaarten inderdaad al verstrekt. Het gaat hier om bon nummer 13 van de normaal margarinekaarten, zoals ik ergens las. Ook las ik dat er in Zuid Afrika gelden zijn ingezameld om de vele duizenden tonnen maïs in te kopen en te verzenden. Overigens had niet ieder recht op zo'n zakje maïs: Slechts zij, die niet meer dan f. 1500,- inkomen in den hoofdelijken omslag zijn aangeslagen komen in aanmerking.
Carl Doeke Eisma

Zakje waarin 750 gram maïsgries of -bloem werd uitgedeeld.